Kansen en uitdagingen voor de superjachtsector

Net als in de Formule1 kunnen de nieuwste technieken in de superjachtensector doorgevoerd worden in andere sectoren!

Gezamenlijk webinar NMT RMSC Maritime Delta

Tijdens een van de eerste inhoudelijk webinar activiteiten van 2021,werd de focus door NMT, RMSC en Maritime Delta gelegd op de superjachten sector. Hein Velema van Marstrat startte met een overzicht van de sector, die aangaf dat de invloed van COVID-19 op de economie en specifiek in deze sector is gegroeid; Miljardairs zijn nog rijker geworden en jachten worden gezien eruit als een veilige plek om met familie te zijn. De “Pre-loved” superjacht markt is in de tweede helft van 2020 juist versneld gegroeid, evenals de orderportefeuille voor nieuwbouw.

Hein stelde het publiek de vraag Waarom denken we alleen aan bouwen van jachten terwijl er nog zoveel meer is in deze markt waar de regio mee aan de slag kan, zoals de maritiem zakelijke dienstverleners.
De operationele markt in deze sector, zoals de jaarlijkse kosten om een jacht in bedrijf te houden, zijn voor jachten erg groot. Hier kan de groot Rotterdamse regio ook haar aandeel in uitbreiden, het geeft genoeg kansen voor surveyors, toeleveranciers bij kleine reparaties etc.

Jachteigenaren zien dat hun imago verandert, en verdere verduurzaming in de sector kan juist helpen om dat imago te verbeteren. Economische noodzaak is niet direct de aanleiding om te vergroenen, maar deze doelgroep kan geënthousiasmeerd worden om bij refit te kiezen voor de Nederlandse superjachten sector, welke wereldwijd in de top 3 staat.

Een goede tool om het productieproces, jacht operational life, en einde levensduur inzichtelijk te maken is de life cycle assessment tool. Robert van Tol van Water Revolution Foundation vertelde dat dit belangrijk is om duurzaam refitten te optimaliseren.

Dennis Bravenboer (Hug Engineering) begon direct met een stelling, om zo het publiek te verleiden tot actieve deelname: Als NL dezelfde vooraanstaande positie voor refit wil verwerven als voor nieuwbouw, dan is het belangrijk dat gespecialiseerde toeleveranciers als een cluster al in een zeer vroeg stadium worden betrokken.
Het bouwen van een jacht is een lang traject,  zeker met geavanceerde systemen is het van belang om er vroeg bij te zijn. Een hecht cluster over de hele keten is daarom belangrijk.

Er zijn vele kansen voor de maritieme sector. Ten eerste, “nieuwere jachten” gaan ook graag terug voor onderhoud naar het land waar ze gebouwd zijn.  Als er in NL een combinatie gemaakt kan worden met de ‘Noordelijke Route’ en de plannen voor de Rijnhaven als Rotterdam Marina (link) uitkomen, kunnen er tijdens de winterstalling veel operationeel, onderhanden werk gedaan worden, en zijn de kleinere upgrades en reparaties weer wel interessant. De promotie van de regio in combinatie met de werven wordt dan een win-win situatie.

Daarnaast gaf Robert aan dat de jachtensector niet afhankelijk is voor innovatie van regelgeving maar probeert op de troepen vooruit te lopen. Als industrie is het juist goed om verder te gaan en nieuwste inzichten te delen. Net als in de Formule1 kunnen nieuwe technieken in de superjachten doorgevoerd worden in andere sectoren. Zowel de hybride aandrijvingen in Noordelijke fjorden worden belangrijker qua milieu overwegingen en ook de Middellandse Zee havens gaan kijken naar strengere regels. Daar kan onze sector nu al op in spelen door met de eigenaren zelf hoge standaarden te ontwikkelen en uit te venten.

Een van de aanbevelingen tijdens het webinar was te kijken naar de initiatieven in bijv Italië die te vinden zijn in de kleinere jachten markt (tot 500 GT) op het gebied van duurzaamheid – die doelgroep is genoodzaakt om sneller te schakelen, omdat er kleine technische ruimtes aanwezig zijn en ze vaker in serie bouwen, waardoor er gekozen moet worden voor duurzame opties ivm de lange levensduur van de innovatie.

Een vraag uit het publiek over concrete plannen voor een sustainable refit werf moest helaas nog ontkennend beantwoord worden, maar de sprekers gaan gezamenlijk hun best doen om dit verder te concretiseren.

Kort werd nog stilgestaan bij het talent, human capital, wat belangrijk zal blijven, en daar mag ook wel wat aandacht voor komen. Er zijn gespecialiseerde opleidingen, maar de innovatieve ontwerpen van bijv Feadship leiden maar mondjesmaat tot opdrachten – een goed onderwerp voor een volgend ideecafé hoe dit omgezet kan worden naar concrete opdrachten.

Te veel onderwerpen in te korte tijd, NMT, RMSC en Maritime Delta danken de sprekers en hopen u snel weer bij een volgend Ideecafé te mogen begroeten!

Linda Treuman
RSMC

Maritime Delta Student Challenge 2020

Covid-19 onderwijs impact en belang stages

Als gevolg van de Covid-19 pandemie is het fysieke (maritiem) onderwijs sinds medio maart abrupt gestopt. Met man en macht is het onderwijs overgeschakeld naar digitale lessen. Gelet op de omstandigheden is dit succesvol verlopen. Uiteraard heeft het wel wisselende impact op de diverse studenten. Jongens en meiden die bijvoorbeeld gewend zijn om veel met de handen te doen en dan een periode volledig te zijn veroordeeld tot digitale (theorie)lessen, maakt je niet erg blij. Gelukkig is er weer meer ruimte om meer en meer praktijk onderwijs op de opleidingslocaties uit te voeren. Een belangrijk onderdeel van veel maritieme opleidingen.

Het onderwijs doet er alles aan om studievertraging zoveel mogelijk te voorkomen en eventuele achterstanden in te halen. Voor de maritieme studenten die komend studiejaar op stage moeten is het van enorm belang dat er ook voldoende stageplaatsen door het bedrijfsleven worden aangeboden. Uiteraard begrijpt iedereen in het onderwijs dat ook bij het maritieme bedrijfsleven de gevolgen duidelijk merkbaar zijn van deze onzekere periode. Dat dit soms het beschikbaar stellen van stage- en afstudeerplaatsen in een ander daglicht kan zetten, is begrijpelijk. Toch is het de gezamenlijke uitdaging van onderwijs en bedrijfsleven om te zorgen dat studenten verder kunnen in hun ontwikkeling en stappen zetten in hun weg naar de maritieme sector.  Voldoende stage- en afstudeerplaatsen zijn daarin van wezenlijk belang, ook als dit soms betekent dat deze net iets anders ingericht moet worden dan gebruikelijk.